12-06-2018

Internationale Dag tegen Kinderarbeid

In een gezin met drie pubers levert 'werken' altijd genoeg gespreksstof op. Zoon 1 heeft de mazzel dat hij een bijbaantje overhield aan een mislukte vakantiebaan sollicitatie. Hij is eerstejaars student, maar verdient daarnaast, met een dag per week werk in zijn vakgebied, genoeg om een rijbewijs bij elkaar te sparen. Dochterlief heeft haar zinnen gezet op een vakantiebaantje waarbij ze kan ontdekken of haar passie voor koken en bakken ook in een professionele keuken leuk blijft en de jongste zoon mag helemaal nog niet werken maar droomt van een bijbaan als vakkenvuller bij de Boni.

Vandaag is het Internationale Dag tegen Kinderarbeid. Ik besef eens te meer hoe ongelooflijk bevoorrecht ik ben met drie kinderen die naar school kunnen. De studie kunnen volgen waarin ze hun talenten kunnen ontplooien. Van hun hobby hun werk kunnen maken. Want ik weet ook hoe anders het kan zijn. Dat er 264 miljoen(!) kinderen zijn die helemaal geen keuze hebben, maar moeten werken. En dan niet het soort werk dat mijn kinderen doen. Nee, die kinderen sjouwen stenen. Werken in mijnen. Werken met gevaarlijke stoffen. Onbeschermd. Tegen een hongerloontje. Zonder vakantiedagen. 12 uur of langer per dag. Het kan niet. Het mag niet. Het gebeurt toch. 

Gelukkig weet ik dat er ook een wereld bestaat waarin fabrieksarbeiders weer gewoon kind mogen zijn. Dankzij mijn werk voor World Vision zie ik hoe het ook anders kan. World Vision biedt kinderen veilige plekken. Child Safe Zones. Waar ze weer even kind mogen zijn. Waar mogelijk worden ze uit de kinderarbeid gehaald. En mogen ze weer naar school. En spelen. Dit geeft mij hoop. De hoop dat niet alleen mijn kinderen kunnen dromen van hun toekomst, maar dat ook die miljoenen andere kinderen op een dag hun dromen mogen waarmaken.

Marlies Wegerif, medewerker World Vision